Bob heeft er nooit om gevraagd de Messias te zijn.
Bob zei nooit zoveel.
Hij zong wel teveel.
Maar hij deed gewoon wat hij doen moest.
Bijna 50 jaar later is zijn stem nu gruis.
Je hoort dat het Bob nog is -
nasaal & gutturaal tegelijk -
maar je hebt geen idee waar hij het over heeft.
Misschien Bob zelf ook niet.
Bob hoorde God.
Eind jaren '70 gebruikte Bob beelden uit de bijbel.
Sommigen zeggen dat Bob dat bewust deed.
Hij had het over het Huis van Israël.
Hij had het over het Huis van Judea.
Hij had het over de weg naar Kanaän.
(Hij had het erover in alfabetische volgorde.)
Er zijn er mensen voor minder uit de kerk gestapt.
Zijn discipelen geloofden Bob niet meer
Hoe meer Bob in Hem geloofde
des te minder zij in Bob geloofden.
Bob geloofde er op los.
Bob geloofde ook dat mensen teveel waarheid aan zijn woorden hechten.
Een absolute waarheid,
Een grote waarheid
Maar ook een kleine waarheid.
De waarheid was dat Bob zelf ook niet altijd wist wat hij zei.
Maar dat maakte niet uit.
Bob hoorde immers God.
Bob zei nooit dat hij liedjes schreef.
Hij voelde zich niet op zijn gemak,
Wanneer men zei dat hij de eerste singer-songwriter was.
Hij was niet de eerste.
Hij was ook niet de laatste.
Hij was misschien wel de beste.
Maar hij was vooral geen singer-songwriter.
Bob zei immers nooit dat hij liedjes schreef.
Bob schreef ze op.
Iedereen zou ze kunnen opschrijven,
Want ze lagen voor het grijpen.
Maar niemand deed het.
Behalve Bob.
Als iedereen zat te kletsen,
Zat te zuipen,
Zat te roken,
Zat te ouwehoeren,
Dan luisterde Bob.
Bob hoorde dan God.
Bij gebrek aan een beter woord is God nu eenmaal God.
© Bill Mensema
Bill Mensema... Schrijver!